direct naar inhoud van 3.4 Gemeentelijk beleid
Plan: Nieuw-Vennep Hoofdweg bij 1128
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0394.BPGnwvhoofdweg1128-E001

3.4 Gemeentelijk beleid

Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 (2011, voorontwerp)

In het Voorontwerp Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 stelt de gemeente voor hoe het grondgebied van Haarlemmermeer er in 2030 uit kan zien. Het gaat ook om mensen die in Haarlemmermeer wonen en verbijven. De inrichting van de ruimte bepaalt in belangrijke mate of mensen met plezier in Haarlemmermeer wonen en werken. Sociale duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit zijn daarom ook de twee hoofdcriteria uit de structuurvisie.

De uitgangspunten van de structuurvisie zijn uitgewerkt uit in zeven opgaven die de

gemeente tot 2030 wil verwezenlijken:

1 de opgave voor duurzaamheid;

2 de opgave voor het landschap;

3 de opgave voor het water;

4 de opgave voor de infrastructuur;

5 de opgave voor versterken van de stedelijke kwaliteit;

6 de opgave voor de hoogdynamische Schipholregio;

7 de opgave voor het laagdynamische Westen.

Voor dit bestemmingsplan is met name de opgave voor het versterken van de stedelijke kwaliteit van belang. Stedelijkheid wordt volgens de structuurvisie bepaald door een hoge concentratie van voorzieningen en de ervaring van geborgenheid en bereikbaarheid. De ontwikkeling van Park21 wordt specifiek benoemd ter versterking van de stedelijke kwaliteit. De bouw van een crematorium in dit park, draagt bij aan de beschikbare voorzieningen en daarmee aan de gewenste stedelijke kwaliteit.

Toekomstvisie Haarlemmermeer 2015 (1997)

In december 1997 is de Toekomstvisie Haarlemmermeer 2015 vastgesteld, waarin op hoofdlijnen de meest wenselijke toekomstige ontwikkeling is geformuleerd. Ook is deze visie gericht op een maximale differentiatie van dorpse, suburbane en stedelijke milieus. Het resultaat is in 2015: een gemeente met een herkenbaar en eigen gezicht, waarin iedereen goed kan wonen, werken en recreëren. Dat betekent verdere economische groei, voldoende en gevarieerde woningen en voorzieningen, verbetering van het openbaar vervoer en behoud en versterking van natuur- en recreatiewaarden. Dat alles binnen een evenwichtige ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente.

Discussienotitie, Naar een Toekomstvisie Haarlemmermeer 2030 (2004)

In de Discussienotitie, Naar een Toekomstvisie Haarlemmermeer 2030, wordt het toekomstbeeld geschetst dat wenselijk is in 2030. Er zijn 10 thema's vastgesteld, met elk een eigen doelstelling. Een van deze 10 thema's is het Park21 waarin het plangebied is gelegen. In het toekomstbeeld is sprake van een groene verbinding tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep.

Masterplan Park21 (2011)

Met het Park21 tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep wordt een groot, gevarieerd landschap voor recreatie ontwikkeld, als een belangrijke schakel in de regionale groenstructuur.

afbeelding "i_NL.IMRO.0394.BPGnwvhoofdweg1128-E001_0006.png"

Met de ontwikkeling van Park21 verandert het polderlandschap van karakter. De grootschalige productie maakt plaats voor stadslandbouw met recreatieve en maatschappelijke functies. Deze nieuwe functies stellen nieuwe eisen aan de ruimtelijke inrichting. De openheid, belangrijke en gewaardeerde eigenschap van de polder, dient te worden gewaarborgd door condities te stellen aan de ontwikkelingen van de linten, de tochten en watergangen, de erven en het achterland.

Het park zal bestaan uit drie sferen die van west naar oost verschillen. In het westelijk deel overheerst de parksfeer rondom de te graven plas en het parkhart. In het middendeel, aan weerszijden van de Hoofdvaart, zal stadslandbouw het karakter bepalen. In het oostelijk deel ligt de nadruk op leisure.

Het plangebied ligt in het middendeel. Dit krijgt een relatief open karakter. Het thema is de beleving van het agrarisch bedrijf en het platteland. Het zal zich ontwikkelen tot (moes)tuin van de Haarlemmermeer.

Bij de ontwikkeling van Park21 zal zorgvuldig worden omgegaan met het bestaande groen langs de polderlinten, zoals de langs de Hoofdvaart. Hierbij worden de bestaande lanen in stand gehouden. Langs de polderlinten is ruimte voor de ontwikkeling van nieuwe erven. Bij de ontwikkeling van de erven is binnen het erf bij elkaar behorende bebouwing toegestaan, vanaf het polderlint is een bebouwingsvrije zone van 20 m aangegeven. Het erf dient groen te worden ingepast in het parklandschap. Hiervoor dient de rand van het erf op een groene wijze te worden ingericht met streekeigen beplanting.

Welstandsnota 2010

In de welstandsnota van de gemeente Haarlemmermeer is de visie van de gemeente op de ruimtelijke kwaliteit opgenomen. De welstandsnota baseert zich op het ruimtelijk raamwerk van de Haarlemmermeer. De welstandsnota werkt aanvullend op het bestemmingsplan, waarmee de gemeente op een hoger detailniveau redelijke eisen van welstand kan stellen aan het uiterlijk van bouwwerken. Het gaat hierbij om eisen op het gebied van materiaalgebruik, kleurgebruik, vormgeving en ontwerpdetails.

Binnen de gemeente zijn verschillende welstandsregimes bepaald. Voor de bepaling hiervan is een ruimtelijke atlas ontworpen. Hierin is gekeken naar de ruimtelijke kwaliteiten van Haarlemmermeer. De verschillende gebieden zijn op de kaart bij de welstandsnota aangegeven. Het gaat hierbij om gebieden met een beperkt, regulier of een bijzonder welstandsregime.

Voor het gebied langs de Hoofdvaart geldt een regulier welstandsregime. Bij een regulier welstandsregime wordt het gebouw niet alleen in haar omgeving maar ook als zelfstandig object getoetst, de architectonische benadering. Op dit niveau doet ook een beeldkwaliteitplan uitspraken over de uitstraling en verschijningsvorm van de bebouwing, zonder de architectuur geheel vast te leggen.

Gemeentelijk klimaatbeleid (2004)

Na een eerder opgestelde Energiebeleidsplan (2004-2007), heeft de raad van de gemeente Haarlemmermeer besloten haar klimaatbeleid te vernieuwen. Speerpunten daarbij zijn:

  • een reductie van de CO2-uitstoot van 30% (ten opzichte van 1990) in 2020;
  • realisatie van 20% duurzame energie in 2020.

Deze doelstellingen zijn uitgewerkt in een Plan van Aanpak (PvA) voor de periode 2009-2020. In het PvA worden per thema een aantal projecten uitgewerkt waarmee CO2-reductie kan worden behaald. Per project is de kosteneffectiviteit van een ton CO2-besparing ingeschat. De totale opgave betreft een CO2-reductie van circa 400 kiloton.

Voor de Zuidrand dient met een strategische energievisie in beeld te worden gebracht hoe innovatieve methoden en technieken benut kunnen worden (bijvoorbeeld geothermie of levering van restwarmte). Daarnaast wordt een hoge energieprestatie gerealiseerd door toezicht, handhaving en monitoring van de EPC. Het laatstgenoemde project moet in 2020 leiden tot een CO2-reductie van 25 kiloton.